Officiële naam
Patricia Cornwell
Geboren
9 juni 1956
Geboorteplaats Miami, Florida, Verenigde Staten
Ze is de dochter van vader Sam en moeder Pat Daniels.
Haar vader was advocaat, haar moeder werkte als secretaresse.
Het huwelijk hield niet lang stand.
Toen Patricia vijf jaar oud was, verliet haar vader op eerste kerstdag
het gezin.
"Ik lag onder de kerstboom en keek omhoog door de takken. Ik hoorde mijn
moeder
huilen en toen ik opstond zag ik mijn vader met een koffer. Hij liep
naar de buitendeur.
Ik heb mezelf vastgeklemd aan zijn benen en hem gesmeekt
om te blijven.
Maar hij schopte me van zich af en liep weg."
Niet lang daarna was de scheiding een feit.
Er kwam meer ellende.
Ze werd
misbruikt door een buurman. "Dat is iets waar je nooit overheen komt. "
Ze bleef bij haar moeder en haar twee broers en ze vestigden zich in
North Carolina.
Haar moeder leed aan depressies en hierdoor moest Patricia bij een
pleegmoeder wonen.
"De meest traumatische ervaring uit mijn leven. Die vrouw was wreed en ik
was volledig
van haar afhankelijk. Ze schreeuwde altijd en dwong me zoveel
te eten dat ik moest overgeven."
Die wreedheid bleef ook haar hond niet bespaard, hij stierf aan
verwaarlozing.
"Die vrouw is inmiddels overleden, maar ik zal haar nooit vergeven.
Hieruit is mijn onvoorwaardelijke steun voor weerloze slachtoffers ontstaan.
Ik ben een verdediger van slachtoffers."
Patricia Cornwell heeft lange tijd geworsteld met anorexia en boulimia.
Bovendien is ze gek op honden, verwaarloosde exemplaren neemt ze regelmatig
onder
haar hoede. Wellicht geen toeval.
Maar er waren ook positieve ervaringen.
Ze woonde vlakbij het beroemde
evangelistenechtpaar Ruth en Billy Graham.
Met Ruth had Patricia een goed
contact, in haar vond ze een
surrogaatmoeder die haar stimuleerde te
schrijven.
"Ze nam me onder haar vleugels toen het helemaal niet goed ging.
Het
belangrijkste dat ze me geleerd heeft, is datgene te doen waar je in
gelooft.
Ze heeft me geloof in mezelf bijgebracht."
Later raakte ze meer bevriend met Billy Graham. "Hij beschouwt me als één van zijn dochters,
hij is een
aardige, lieve man."
Patricia begon op haar negende verhalen te schrijven.
Later bezocht ze het Davidson College in North Carolina.
"Dat was de eerste keer dat ik ontdekte dat ik hersens had.
Alle scholen
die ik daarvoor had bezocht waren slechte scholen.
Ik kreeg nooit een boek
mee naar huis. Op Davidson ontdekte ik dat ik kon nadenken."
Daar leerde ze ook haar leraar Engels Charles Cornwell kennen.
Ze trouwde
op jonge leeftijd met hem, hij was zeventien jaar ouder.
"Ik denk dat ik een
vaderfiguur zocht." Dit huwelijk duurde tien jaar.
Ondertussen had ze een baan als journaliste gekregen bij de ‘Charlotte
Observer’
en al snel begon ze zich te specialiseren als misdaadverslaggever.
In 1984 kreeg ze een baan als systeemanalist bij de
pathologisch-anatomische dienst van
Virginia waar ze in totaal zes jaar zou
blijven.
Het schrijven zat Patricia Cornwell inmiddels in het bloed en in 1983
schreef ze
‘A Time For Remembering’, een biografie over Ruth Bell Graham,
degene die haar vroeger
zo gestimuleerd had om te schrijven.
Lange tijd was dit - vanwege het latere succes van Patricia Cornwell -
een collectors item.
In september 1997 verscheen er een nieuwe druk.
Tussen 1984 en 1986 schreef Patricia Cornwell drie romans die echter
allemaal werden
geweigerd door de Amerikaanse uitgeverijen. Sara Ann Freed,
editor van ‘Mysterious Press’,
gaf haar het advies de mannelijke
hoofdpersoon - een detective – uit de boeken te schrappen
en de persoon Kay
Scarpetta verder uit te diepen.
Ondertussen had Patricia Cornwell besloten zich helemaal te richten op
het schrijven en in
1990 werd haar roman ‘Postmortem’ (Fataal weekend)
aangekocht door uitgeverij Scribner
voor een bedrag van $7.500.
Voor dit geld kreeg Scribner ook de rechten van het tweede boek van
Cornwell. ‘Post Mortem’
bleek al snel een daverend succes en kreeg diverse
internationale prijzen.
In maart 1991 ontving Cornwell maar liefst $385.000 voor de
paperbackrechten van haar
tweede roman ‘Body of Evidence’ (Corpus Delicti).
Ze zou zes boeken schrijven bij uitgeverij Scribner. Daarna vertrok ze.
De belangrijkste reden was haar onvrede over het feit dat haar roman ‘The
Body Farm’
(Modus Operandi) in Amerika tegelijkertijd werd uitgebracht met
‘Debt Of Honor’ van Tom Clancy.
Hierdoor bereikte Patricia Cornwell niet de eerste plaats op de
bestsellerslijst van de
‘New York Times’. In maart 1996 stonden maar liefst zes boeken van
Patricia Cornwell
tegelijkertijd op een bestsellerslijst in de Verenigde
Staten.
Een ongekend succes.
In datzelfde jaar verscheen haar eerste boek bij uitgeverij Putnam.
Patricia Cornwell
tekende een contract van 24 miljoen dollar. Voorwaarde was
dat ze drie nieuwe
Kay Scarpetta romans zou schrijven.
Anno 2004 heeft Patrica Cornwell 21 boeken op haar naam staan en is de
serie wereldwijd
vertaald in 22 talen.
Ook is er een biografie over Cornwell verschenen onder de titel
‘The Unofficial Patricia Cornwell Companion’.
In dit boek wordt onder andere ingegaan op overeenkomsten tussen de
schrijfster en Kay Scarpetta.
Haar romanfiguur houdt ook van revolvers, dure auto’s en helikopters en
beide dames delen
een passie voor Italiaans eten. Maar er zijn ook
overeenkomsten in karakter.
”We hechten aan integriteit, we werken hard en zijn nogal obsessief.”
De meeste boeken uit de Kay Scarpetta reeks waren succesvol. Naast deze
reeks heeft
Patricia Cornwell ook een drietal – meer humoristische - boeken
geschreven met Judy Hammer
in de hoofdrol. In 2002 verscheen ‘Portret van
een moordenaar’.
Dit is een boek over Jack de Ripper. Ze schreef ook enkele
kookboeken die verwijzen naar Scarpetta.
Boze tongen beweren dat de boeken van Cornwell slechter werden nadat ze
gezwicht was
voor het grote geld.
Opvallend is wel dat haar latere werk minder goed beoordeeld wordt dan
haar eerdere boeken.
Patricia Cornwell heeft ongeveer een jaar nodig om een boek te schrijven.
Handelsmerk is haar zorgvuldige onderzoek en gedegenheid.
Ze heeft vele autopsies meegemaakt en werkte drie jaar als vrijwilliger
bij de politie.
Ze heeft een intensieve training bij de FBI achter de rug en heeft kennis
van moderne
technieken van DNA onderzoek.
Voor ‘Modus Operandi’ deed ze onderzoek bij ‘The Body Farm’, de enige
plaats ter wereld waar
wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan naar
ontbinding van lijken.
Het boek is opgedragen aan professor dr. William (Bill) Bass, die
langdurig werkzaam is
geweest bij The Body Farm.
Van deze professor is in 2004 een boek in Nederlandse vertaling
verschenen over
‘De Body Farm’ onder de gelijknamige titel.